Reptielen in Slovenië
Reis in het kort
Hoogtepunten
- De mysterieuze Olm: Europa’s grootse amfibie en het grootste permanent in grotten levende dier van de wereld
- Soorten uit verschillende biogeografische zones: Italiaanse springkikker, Ruïnehagedis, Geelbuikvuurpad, Alpenlandsalamander
- Een grote variatie aan landschappen in vaak weinig bezochte gebieden
- Ook al is het geen reptiel: op een avond gaan we beren kijken
- Verblijf de gehele reis in één accommodatie
Is deze reis iets voor mij?
- We zoeken actief door langs bosranden te lopen en onder stenen en stukken hout te kijken. Dit kan soms een tijd duren, waarna we helemaal blij worden van een klein bruin diertje, wat er hetzelfde uitziet als het voorgaande, maar volgens ons toch echt een
- Dagelijks ecologische maaltijden van plaatselijke producten
- Kamers op een ideaal gelegen boerderij aan de rand van een natuurgebied
- Reis met vliegtuig, trein of eigen vervoer!
- Rustig tempo en kleine afstanden
- Kleine groep: Min. 5, max. 7 deelnemers
Reisomschrijving
Slovenië is een bijzondere bestemming voor een reptielenreis. Absolute aantallen zijn hier niet hoog, maar dat wordt goedgemaakt door de combinatie van bijzondere soorten: Italiaanse springkikker, Alpenlandsalamander, Geelbuikvuurpad, Karsthagedis en natuurlijk de Olm. Hoeveel we zien is bij een reptielenreis afhankelijk van de groep: hoe meer mensen actief zoeken, hoe meer we samen zien. Ervaring is voor deze reis niet nodig, enthousiasme en enig doorzettingsvermogen wel.
Voor veel soorten is de kans om ze te vinden afhankelijk van het weer: landsalamanders zijn vaak actief na een regenbui, terwijl voor hagedissen en slangen een zonnige dag beter is. Hierop passen we ons programma aan: aan de hand van de weersverwachting kunnen we dagbestemmingen omwisselen, we vragen dus wel om flexibiliteit van onze reizigers wat betreft het programma.
Slovenië is dunbevolkt met 2 miljoen inwoners, en hierdoor is er alle ruimte voor het bos. Vanwege een natuurschonend bosbeheer, wat al 200 jaar onveranderd is, heeft dat bos zijn oorspronkelijke veelvoud behouden. De ondergroei is opvallend rijk, ook onder beuken. Hierdoor is er ook ruimte voor grote roofdieren: naast de Wolf leven hier beren, Lynxen en Jakhalzen. Die roofdieren zijn erg schuw, maar toch is het mogelijk om vanuit een schuilhut beren te observeren. Ook al zijn beren zoogdieren: dit gaan we natuurlijk ook doen!
We verblijven in een karstgebied en dat geeft een extra, ondergrondse dimensie aan het landschap. Het kalkgesteente is wateroplosbaar en in de loop van miljoenen jaren is hier een ware gatenkaas aan grotten ontstaan. Rivieren en beken stromen diep onder onze voeten. In die grotten vinden we een aangepaste fauna: meest kleine, blinde diertjes die leven van ingespoeld materiaal en ontlasting van overwinterende vleermuizen. Die kleine diertjes zijn voedsel voor de ondergrondse toppredator: de Olm, een blinde salamander die meer dan 30 cm lang wordt en wel 100 jaar oud kan worden. Tijdens onze reis dalen we diep af in een grot, wat een groot deel van een dag in beslag neemt, speciaal op zoek naar de Olm.
Onze gids, Paul is herpetoloog en woont al ruim 25 jaar in Slovenië. Hij houdt zich onder andere bezig met inventarisaties van amfibieën en reptielen en is de auteur van de determinatiegids van de amfibieën en zoetwatervissen in Slovenië. In Nederland heeft hij het tekenwerk verzorgd in de gele veldgidsjes van RAVON en van de Kustvissengids die (op het moment van schrijven) op het punt staat om uit te komen.